De aansprakelijkheid van de licentiegever

Een licentiegever kan soms aansprakelijk gehouden worden door de eindgebruiker van het product dat onder zijn licentie gemaakt wordt. In licentieovereenkomsten probeert de licentiegever zich daar vaak tegen te beschermen. Wat zijn de kansen op effectieve aansprakelijkheid en is de manier waarop licentiegevers zich het vaakst beschermen ook de meest effectieve?

 

 

Aansprakelijkheid voor producten ingeval van merklicenties

 

Voor merkenlicenties bepaalt art. 3 van de wet op de aansprakelijkheid voor producten met gebreken dat eenieder die zijn merk of ander herkenningsteken op een product aanbrengt dezelfde aansprakelijkheid heeft als een producent indien het product niet de veiligheid biedt die men gerechtigd is ervan te verwachten (art. 5). Deze gelijkstelling heeft in België al geleid tot de aansprakelijkheid van licentiegevers van merklicenties.

 

De aansprakelijkheid van licentiegevers van merklicenties zou ook zonder de wet productaansprakelijkheid logisch zijn. Eén van de functies van een merk is precies de oorsprong van het product aan te duiden. De gebruiker moet er rechtmatig kunnen op vertrouwen dat hij de titularis van het merk kan aanspreken als er iets fout gaat. Onder meer op deze grond zal bijvoorbeeld ook in de Verenigde Staten de titularis van het merk kunnen aangesproken worden.

 

Aansprakelijkheid voor producten ingeval van andere licenties

 

De aansprakelijkheid van verleners van licenties van octrooien of van tekeningen en modellen is minder vanzelfsprekend. Ze is in België niet specifiek wettelijk geregeld. Een verklaring daarvoor is dat de gebruiker meestal niet kan inroepen dat hij afgegaan is op de reputatie van de licentieverlener. Een andere overweging is dat het niet in het algemeen belang is om licentiegevers aansprakelijk te houden omdat dit de verspreiding van technologie zou tegenwerken. Dit laatste argument is een beleidsargument dat niet relevant is in concrete betwistingen.

 

Het resultaat is in ieder geval dat de Belgisch rechtspraak m.i. geen voorbeelden kent van aansprakelijkheid van (andere) licentiegevers en ook internationaal lijkt dit slechts zeer schaars voor te komen. Misschien is het omdat de betwistingen onder de waterlijn blijven of omdat het gaat om een zeer klein risico maar op zeer grote schade.

 

 

De courante contractuele bescherming van de licentiegever

 

Het risico is in ieder geval niet ondenkbaar en in de contracten wordt er meestal aandacht aan besteed. Vaak voorzien licentie overeenkomsten in een uitsluiting van de aansprakelijkheid van de licentiegever voor schade door de eindgebruikers of klanten van de licentienemers en in een vrijwaringsverplichting voor de licentienemer voor rechtstreekse vorderingen van de eindgebruikers op de licentiegever.

 

 

Deze aanpak heeft een aantal onvolkomenheden:

 

  • het fundamentele probleem is dat een regeling tussen de licentiegever en de licentienemer de eindgebruikers of andere derden niet bindt;
  • de vrijwaring van de licentiegever door de licentienemer is maar zo sterk als de financiële draagkracht van de licentiegever en zal vaak pas kunnen ingeroepen worden op het einde van een procedure;
  • indien de eindgebruiker een buitenlandse partij is, wordt de relatie tussen de eindgebruiker en de licentiegever vaak beheerst door een ander recht dan de licentieovereenkomst en is een andere rechtbank vaak bevoegd. Dit maakt het ingewikkelder.

 

 

Alternatieve of aanvullende bescherming van de licentiegever

 

Het is mogelijk de bescherming van de licentiegever op een aantal bijkomende manieren te verbeteren. Of het de moeite waard is zal afhangen van de risico’s en van de te verwachten voordelen van de licentie. Ik beperk me hieronder tot de octrooilicenties maar wat er staat geldt wellicht ook in ruime mate voor modellen. Merklicenties vergen een eigen benadering.

 

Het belangrijkste is een goede beoordeling te maken van de financiële en operationele degelijkheid van de licentienemer en die beoordeling ook te documenteren. De licentiegever toont hiermee aan dat hij zorgvuldig gehandeld heeft.

 

Indien de technologie in licentie gegeven wordt voor toepassingen door de licentienemer in domeinen waarmee de licentiegever niet vertrouwd is, is het nuttig dit te vermelden in de licentie overeenkomst, eventueel bij de inleidende beschouwingen. Dit is in ieder geval een feitelijk element dat bij de beoordeling van de aansprakelijkheid relevant is.

 

Het kan ook nuttig zijn te expliciteren waarom een octrooi in licentie wordt gegeven. Het octrooi kan essentieel zijn voor het eindproduct of het kan enkel betrekking hebben op een onderdeel van het product of van een proces. Het octrooi kan ook om tactische redenen genomen worden. De betrokkenheid van de licentiegever zal naargelang variëren en dus ook zijn aansprakelijkheid.

 

Aan de licentienemer kan de verplichting worden opgelegd de afgewerkte producten te testen, een kwaliteitscontrolesysteem te handhaven en de nodige inspecties te voorzien. Deze verplichtingen kunnen verder aan een audit(recht) onderworpen worden, bij voorkeur door tussenkomst van een derde verificatiepartij.

 

Tot slot kan de licentiegever zich ook financieel verder indekken door van de licentienemer een gepaste verzekering te eisen of een garantie van een moedervennootschap.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *